Bestrijdingsmiddelen

Er was deze maand veel ophef over bestrijdingsmiddelen op groente en fruit. We zetten alles voor je op een rijtje.

Bestrijdingsmiddelen zorgen ervoor dat granen, fruit en groenten niet worden opgegeten door ongedierte. De stoffen die worden gebruikt, zijn vaak chemisch samengesteld. De plant wordt met het middel bespoten, maar  de stof verdwijnt weer door de invloed van licht en lucht. In de winkel is 99% van het middel alweer verdwenen.

Als er nog restjes zijn achter zijn gebleven, is dit vaak in de schil en niet in het vruchtvlees. Wassen of koken helpt niet, de middelen zijn juist ontworpen om tegen een regenbui en hitte te kunnen. Fruit wordt ook niet minder of meer bespoten dan groente, maar voor kwetsbaar fruit worden vaak meerdere soorten bestrijdingsmiddelen gebruikt.

Of een bestrijdingsstof giftig is, hangt af van de hoeveelheid. Het is dus niet zo dat een bepaalde stof altijd giftig is. Medicijnen zijn ontwikkeld volgens dit principe: een overdosis is dodelijk, terwijl de juiste dosering iemand gezonder kan maken.

Giftigheid wordt bepaald met de LD50: de dosis waarmee 50% van de proefpersonen zou overlijden. Het meest omstreden bestrijdingsmiddel van dit moment, glyfosaat, heeft een LD50 van 5600 mg per kilogram lichaamsgewicht. Ter vergelijking, chocolade heeft een LD50 van 1000 mg per kilogram lichaamsgewicht, chocolade is dus veel giftiger! Een man van 80 kilogram moet dus 448 gram glyfosaat binnenkrijgen voor een kans  van 50% om te overlijden. Glyfosaat zit ook in bijvoorbeeld havermout. Deze man van 80 kilogram moet meer dan 22 miljoen gram havermout eten om 50% kans te hebben om te overlijden aan de glyfosaat.

Veiligheidsvoorschriften hebben eisen aan de hoeveelheid bestrijdingsmiddelen in ons voedsel gesteld die vele malen lager zijn dan de LD50. De gezondheidswinst die je behaalt met groente en fruit eten is ook veel hoger dan de gezondheidsrisico’s van de gereguleerde bestrijdingsmiddelen. Als je je erg zorgen maakt over bestrijdingsmiddelen kun je altijd het schilletje van je groente of fruit afhalen. Zo verwijder je de laatste restjes écht, maar helaas ook de bron van vezels.